(N)iets met Boeren

(N)iets met Boeren

19 augustus 2026

Wat doet een mens als-ie er even genoeg van heeft? Peter Dictus schraapt dan de keel en laat een boer.

Vanaf 2021 hebben wij ruim tachtig voorstellingen over de actuele landbouw gespeeld, op vele boerderijen, van Noord-Holland tot Limburg, van Zeeland tot Gelderland. Ooit op initiatief van de Provincie Noord-Brabant, soms in samenwerking met brancheorganisaties én vaak op uitnodiging van de boeren zelf. Die samenwerking deed buitenstaanders soms vermoeden dat wij deel uitmaakten van de boerenlobby. Wie wel kwam kijken, zag echter dat onze voorstellingen de bezoekers juist álle hoeken van de thematiek laten zien, zonder hen een overduidelijk standpunt op te leggen. Een methodiek die mensen even van hun stuk brengt, even van hun eigen gelijk afhelpt. Het begin van een goed gesprek, als een effectief weerwoord op de te gemakkelijke polarisatie in het landbouwdebat. In elk debat.

De laatste tijd vertelden we het publiek soms dat we sinds het begin amper iets aan de oorspronkelijke scènes hoefden te veranderen. Simpel omdat er rond dit dampende dossier al die tijd geen spat was veranderd. Een enkele grapjas wilde dan wel eens suggereren dat (ons) theater kennelijk nog geen deuk in een pakje boter geschopt kreeg, maar dat was toch niet de onthutsende conclusie, die de meesten terecht trokken:

Ondanks de opkomst (en de onmiskenbare ondergang) van de BBB, zelfs ondanks de mogelijkheid voor deze one issue lobbyclub om het land te besturen, is de overheid al die tijd niet in staat gebleken iets voor mekaar te krijgen voor de agrarische sector. Of voor wie dan ook.

Kortom, onze langlopende theaterserie kon nog best wel eens een tijdje erg noodzakelijk blijven. Niet zomaar is een van de afleveringen intussen onderdeel van het curriculum van de HAS green academy in Den Bosch. Volgend jaar komt daar de HAS uit Dronten nog bij. Iets met Boeren als onze eigen Soldaat van Oranje. Welk gezelschap zou zo’n hit nou niet willen?

Maar toch. Sinds de recente gebeurtenissen om en bij het zoveelste boerenbeleg in Den Bosch denk ik daar net even wat anders over. Het geweld, de intimidatie, de zelfoverschatting en de schaamteloos geëtaleerde domheid bij vele boerendemonstraties vond ik tot dan toe altijd al behoorlijk stuitend. Maar nu blijkt dat de bodem van de beerput nog lang niet bereikt is. Opnieuw de misplaatste vergelijking met de Holocaust en de net zo walgelijke verwijzing naar de Jodenster, het levensgevaarlijk en illegaal weggedrag terloops afdoen als demonstratierecht, zelfs na het dodelijk ongeluk gewoon nog met z’n allen over de snelweg naar het eigen erf tuffen. De botte arrogantie waarmee al die buitensporige agressie werd goed geluld. En dan lieten politici en politie ook nog eens flinke steken vallen uit angst voor het bataljon boerentanks. Laat ze met de fiets komen. Eens kijken wat hun lawaai dan nog teweeg brengt.

De wanstaltige vertoning in Den Bosch en omstreken is extra beschamend, omdat die zich voor de zoveelste keer – overduidelijk gefinancierd door de agro-industrie – bewust of onbewust (wat zou erger zijn?) laat lenen als kapstok voor gezagsondermijnende, extreemrechtse elementen. Types en organisaties die het lot van de boeren aan de reet zal roesten en maar één ding voor ogen hebben: complete chaos zodat de ‘gewone hardwerkende Nederlander thuis op de bank’ nog meer snakt naar een harde hand. Soms is alles zo gruwelijk simpel.

Bovendien vertegenwoordigt deze agressieve ‘voorhoede’ in de verste verte niet de overgrote meerderheid in de agrarische sector. Wij hebben de afgelopen jaren honderden gesprekken gevoerd met bezorgde boeren die oprecht over dat spreekwoordelijke verstand beschikken, die donders goed snappen dat er sprake is van een onhoudbare situatie, dat er daarom echte veranderingen plaats moeten vinden en dat zij daar zelf deel van uitmaken. Maar zolang die veel grotere groep niet luid en duidelijk afstand neemt van de rabiate randdebielen bij Farmers Defence Force én van de linke BBB-opportunisten, schaart die zwijgende massa zich tegen beter weten in achter deze wettenloze lawaaipapegaaien en heb ik even helemaal niets met boeren.

Inderdaad: voor wat het waard is.