Ineens stond ik daar weer. De aandacht te trekken van een publiek dat zo meteen onze voorstelling ging beleven. Een soort noodzakelijk voorprogramma. Dit keer vanaf een vergeten stapel pallets in het gras naast de schuur. Meestal gaat het om de gebruikelijke, huishoudelijke mededelingen. Disclaimers zijn het meer, zoals ‘kijk uit waar je loopt’, ‘de grond is hobbelig’, ‘de stalvloer is niet overal droog’, ‘we zijn te gast op een bedrijf waar gewerkt wordt, met dieren’, ‘het waait nogal hard’, ‘misschien gaat het regenen’ en meer teksten die moeten voorkomen dat men achteraf komt piepen over ongemak waarop kennelijk niet was gerekend.
Alleen dit keer realiseerde ik me ineens hoe vaak ik zo’n praatje al had staan houden. Dat wij al vijf jaar rondtrekken met Iets met Boeren. Dat wij al die tijd, na meer dan 70 voorstellingen, feitelijk niets – maar dan ook niets – aan de inhoud hoefden te veranderen. Dat ons verhaal nog steeds actueel is. Of zelfs ‘urgent’, conform de subsidievoorwaarden.
Vanaf mijn stapel pallets, met uitzicht op het weidse Zeeuws-Vlaamse land, deelde ik dat plotse inzicht met het volk beneden mij. Ik bekende dat het enige, dat wij de afgelopen vijf jaar soms aan de tekst in onze voorstellingen moesten aanpassen, het aantal agrarische ondernemingen in Nederland is. Dat loopt namelijk terug, aldus het CBS. Strikt genomen zijn er steeds minder boerenbedrijven. Overigens zonder gevolgen voor de veestapel. Als de ene boer stopt, wordt de andere gewoon wat groter. Maar verder is er al die tijd niets gebeurd, niets besloten, niets veranderd.
Ondanks de hoge druk op de maatschappelijke en politieke agenda, ondanks de stikstofcrisis die ‘het land op slot’ houdt, ondanks de vele, luidruchtige en soms ronduit agressieve boerenprotesten en zeker ondanks de komst van de boerenpartij naar Den Haag met intussen zelfs een eigen landbouwminister. Helemaal niets. “De BBB levert”, tettert Caroline van der Plas, sinds ze met een handjevol zetels het land mag bestieren. Maar wàt haar clubje levert, waar of aan wie, dat weet geen mens.
Afijn, dan modderen wij ook nog maar even door. Leveren en laten leveren.